Pleziervaartuigen
Toepassingsgebied

De richtlijn is van toepassing op pleziervaartuigen, gedeeltelijk afgebouwde pleziervaartuigen, en losse en gemonteerde onderdelen zoals beschreven in bijlage 2 van de richtlijn.
In de richtlijn pleziervaartuigen wordt onder pleziervaartuig verstaan, ieder voor sport- en vrijetijdsdoeleinden bedoeld vaartuig, ongeacht het type of de wijze van voortstuwing, met een romplengte van 2,5 tot 24 m, gemeten volgens de desbetreffende geharmoniseerde normen. Een vaartuig dat wordt gebruikt voor verhuur of pleziervaartcursussen valt ook onder de richtlijn.

Uitzonderingen
- wedstrijdboten, met inbegrip van roeiwedstrijdboten en boten voor roei-instructie die als zodanig door de fabrikant zijn bestempeld
- kano's en kajaks, gondels en waterfietsen
- zeilplanken
- motorzeilplanken, waterscooters en andere soortgelijke vaartuigen,
- originelen en individuele replica's van voor 1950 ontworpen historische vaartuigen, die hoofdzakelijk met de oorspronkelijke materialen zijn gebouwd en die als zodanig door de fabrikant zijn bestempeld
- experimentele vaartuigen, voor zover zij niet nadien op de communautaire markt worden gebracht
- voor persoonlijk gebruik gebouwde vaartuigen, voor zover zij nadien gedurende een periode van vijf jaar niet op de communautaire markt worden gebracht
- vaartuigen die specifiek bestemd zijn om te worden bemand en passagiers te vervoeren voor commerciële doeleinden, met name de vaartuigen als omschreven in richtlijn 82/714/EEG tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen
- duikboten
- luchtkussenvoertuigen
-draagvleugelboten

Normen
Producten die voldoen aan van toepassing zijnde geharmoniseerde normen worden geacht te voldoen aan de richtlijn.

CE-markering
Nodig voor het in de handel brengen:
- toetsing aan de richtlijnen en normen
- beoordeling door erkende instantie (indien van toepassing)
- technisch dossier
- gebruiksaanwijzing
- opstellen EG-verklaring
- aanbrengen van CE-markering

Overig
In artikel 8 van de richtlijn wordt de te volgen "keurings"-procedure omschreven. Hierin wordt onderscheid gemaakt tot vaartuigen met een romplengte tot 12 m, van 2,5 m tot 12 m en een romplengte van 12 tot en met 24 m. Afhankelijk van de romplengte en het gebruik van geharmoniseerde normen is keuring door en erkende instantie noodzakelijk.

Specialisatie NVCE-leden
- ATG Safety & Training BV >
- De Gier Stam >
- Fucason >
- Jeber >
- Kader >
- Schulten OC >