Persoonlijke beschermingsmiddelen

Toepassingsgebied
Deze richtlijn is van toepassing op persoonlijke beschermingsmiddelen, hierna te noemen "beschermingsmiddelen".

Onder beschermingsmiddel wordt een uitrustingsstuk of -middel verstaan dat bestemd is om door een persoon te worden gedragen of vastgehouden als bescherming tegen één of meer gevaren die een bedreiging voor zijn gezondheid en zijn veiligheid kunnen vormen.

Als beschermingsmiddel wordt ook beschouwd:
a een geheel dat is samengesteld uit verscheidene uitrustingsstukken of -middelen die door de fabrikant onderling zijn verbonden om een persoon te beschermen tegen één of meer, mogelijk gelijktijdig optredende gevaren;
b een uitrustingsstuk of beschermingsmiddel dat al of niet onlosmakelijk verbonden is met een niet-beschermende persoonlijke uitrusting die door een persoon wordt gedragen of vastgehouden voor het bedrijven van een bepaalde activiteit;
c verwisselbare onderdelen van een beschermingsmiddel die voor de goede werking ervan onontbeerlijk zijn, en die uitsluitend voor dat beschermingsmiddel worden gebruikt.

Als integrerend bestanddeel van een beschermingsmiddel wordt beschouwd, ieder samen met het beschermingsmiddel in de handel gebracht verbindingssysteem dat het beschermingsmiddel aan een andere, externe voorziening verbindt, zelfs wanneer het verbindingssysteem voor de tijdsduur dat de gebruiker aan het risico c.q. de risico's is blootgesteld, niet ononderbroken behoeft te worden gedragen of meegevoerd.

Uitzonderingen
- beschermingsmiddelen die vallen onder een andere richtlijn met dezelfde doelstelling ten aanzien van het in de handel brengen, het vrije verkeer en de veiligheid als de onderhavige richtlijn;
- ongeacht de bovengenoemde reden van uitsluiting van het toepassingsgebied, de in de lijst met uitzonderingen van bijlage I van de richtlijn genoemde soorten beschermingsmiddelen:
1. Beschermingsmiddelen die speciaal zijn ontworpen en vervaardigd voor de strijdkrachten of de ordehandhaving (helmen, schilden enz.).
2. Beschermingsmiddelen voor zelfverdediging tegen aanvallers (spuitbussen, individuele afschrikkingwapens enz.).
3. Beschermingsmiddelen die zijn ontworpen en vervaardigd voor particulier gebruik ter bescherming tegen:
- bepaalde weersomstandigheden (hoofdbedekking, seizoenkleding, schoenen en laarzen, paraplu's enz.),
- vocht, water (afwashandschoenen enz.),
- hitte (handschoenen enz.).
4. Beschermingsmiddelen die bestemd zijn voor het beschermen of redden van personen aan boord van schepen of luchtvaartuigen en die niet permanent worden gedragen.
5. Helmen en vizieren voor gebruikers van motorvoertuigen met twee of drie wielen.

Normen
Beschermingsmiddelen die voldoen aan van toepassing zijnde geharmoniseerde normen worden geacht te voldoen aan de richtlijn.

CE-markering
Nodig voor het in de handel brengen:
- toetsing aan de richtlijnen en normen
- beoordeling (indien van toepassing) door erkende instantie
- technisch dossier
- gebruiksaanwijzing

Specialisatie NVCE-leden
- ATG Safety & Training BV >
- Avan >
- Avier >
- De Gier Stam >
- EEE consultancy
- Fucason >
- G-Tec >
- Jeber >
- Schulten OC >